Aanwezigheidspenning.

Aanwezigheidspenning brandweer Ieper.

 

Materiaal: Messing.

Bewerking: Geslagen.

Massa: Onbekend.

Afmeting: Ø 30 mm.

Aanmaakplaats: z.pl. Onbekend.

Datering: z.j. eind 19de eeuw begin 20ste eeuw

 

Voorzijde: Binnen een gladde boord.

Het gekroond wapenschild van de stad Ieper.

Een leeuw staande op een ondergrond,

met zuil op de rechterschouder als schildhouder.

Omschrift tussen twee kleine lelies.

CORPS DES SAPEURS POMPIERS

            VILLE D'YPRES

Keerzijde: Binnen een gladde boord.

Het geslagen volgnummer/lidnummer.

58

 

 


 

Draaginsigne 1743

Legitimatie draaginsigne "Spuitgasten".

 

Materiaal: Lood/tin legering.

Bewerking: Gegoten.

Massa: Onbekend.

Afmeting: Ø 55 mm. x 33 mm.

Aanmaakplaats: z.pl. Ieper.

Graveur: A. De Somer.

Datering: 1743

 

Voorzijde: Gelegen op een schildvormig veld.

De randen glad omboord.

Centraal de sierlijke gotische letter

Y

Ypres/Ieper

De letter omsloten met een parelcirkel.

In de vier hoeken het jaartal

1 / 6 / 7 / 0

Keerzijde: Gelegen op een schildvormig veld.

De randen glad omboord.

Binnen een gladde lijncirkel.

Een leeuw in vooraanzicht, het stadswapen van Ieper tussen zijn poten.

De achterpoten komen buiten de lijncirkel.

De staart neerhangend naar rechts.

Op de rechterschouder, dragende een zuil.

In de vier hoeken het jaartal

1 / 7 / 4 / 3

 

Lit.: STAM Gent, Objectnummer N.00182.

 

Reeds in de middeleeuwen bestonden in de Ieperse gilden ook "Brandgezellen". Ze werden ingezet om de branden te bestrijden, die regelmatig uitbraken in hoofdzakelijk, houten woningen van de stad.  

IN 1743 werd door het stadsbestuur van Ieper een nieuw reglement uitgevaardigd. Men had vastgesteld dat de brandbestrijders soms niet werden toegelaten tot het brandend pand. Ze werden tegengehouden door de plaatselijke ordediensten omdat men zich niet kon legitimeren. Daarom voorzag artikel XX van het nieuwe reglement de invoering van een draaginsigne met het wapen van de stad. Zowel de brandgezellen, de brandmeesters als de waterdragers dienden de insigne te dragen op een goed zichtbare plaats. Tinnegieter Alexander de Somer leverde 300 draagkentekens voor de som van 13 gulden, dit terwijl het spuitkorps slechts uit 130 manschappen bestond. Voor de voorzijde van de insigne werd gebruik gemaakt van een oude gietvorm uit 1670 met het monogram van de stad. 

Deze datum heeft dus geen enkele betekenis in verband met de draagpenning voor de spuitgasten. De drager van het kenteken moest bij het verlaten van het korps, de penning overlaten aan zijn opvolger.  Ze werden gebruikt tot 1823 toen de brandblussers de naam "Pompiers" kregen en een ronde draagpenning ontvingen. De gietmallen van deze penning zijn nog steeds in bezit van de stad.

 


 

Erepenning voor brandweer Menen 1858

Erepenning aan de spuitgasten Brandweer Menen.

 

Materiaal: Brons.

Massa: Onbekend.

Diameter: Ø 50 mm.

Aanmaakplaats: z.pl. Brussel.

Graveur: Voorzijde uit de reeks Belgische Kerken.

1847 Gebroeders Jaçues en Leopold Wiener.

Datering: 1858

 

Voorzijde: Binnen een geprofileerde boord.

De Sint-Martinus kerk van Ieper.

Boven de kerk.

ÈGLISE ST MARTIN A YPRES

Onder de kerk, in de afsnede in vier regels.

CONSTRUITE 1083, REBATIE 1221-1270

                   LA TOUR 1434

           LA RESTAURATION GÈNÈRLE

                  COMMENCÈE 1845

Gebouwd in 1083, herbouwd in 1221-1270, de toren in 1434, Algemene restauratie begonnen in 1845

Onderaan de graveurs:

J. ET L. WIENER F. 

Keerzijde: Binnen een geprofileerde boord.

Binnen een gesloten krans van vruchtdragende eiken en lauriertakken.

In een verhoogd reliëf, in zeven regels.

INCENDIE DE L'ÈGLISE ST MARTIN

                   AUX

         SAPEURS POMPIERS

                DE MENIN

           LA VILLE D'YPRES

           RECONNAISSANTE

              25 AOUT 1858

Brand in de kerk van Sint-Martinus, hulde aan de Brandweer van Menen, de erkennende stad Ieper 25 augustus 1858.

 

Als dank voor deze prestatie, liet het stadsbestuur van Ieper vijf verschillende keerzijden slaan voor de brandweerkorpsen van Ieper, Poperinge, Menen, Komen en Wervik. Van deze penningen werden telkens één zilveren exemplaar geslagen voor de officier van elk brandweerkorps. Andere prominenten kregen een bronzen exemplaar.De voorzijde van de penning was reeds eerder ontworpen in 1847 in een reeks gewijd aan Belgische kerken.