Trotseer/Traceer/Dak-loodjes.

Trotseerloodjes of loodplaatjes zijn een Noord-Nederlands gebruik.

Bij het maken van (vooral met leien bedekte) daken werden vroeger geen kopse pannen gebruikt op de randen, maar werd de rand afgedekt met een loodslab.

Deze loodslab diende verankerd worden benageling.

Bij het vastspijkeren ontstaat een nagelgat in het lood, waardoor water naar binnen kan sijpelen.

Omdat vroegere spijkers van gesmeed ijzer waren, die na verloop van tijd wegroesten.

Om dit inregenen en verroesten te voorkomen werd vroeger (en ook tegenwoordig nog wel bij restauraties) in Noord-Nederland elke spijker afgeschermd met een zogenaamd trotseerloodje.

Dit loodje wordt boven het spijkergat over de spijker gesoldeerd en heeft dus een vergelijkbare werking als een dakpan.

Ook komen trotseerloodjes voor op zijkanten van dakkapellen en op vele plaatsen waar lood of zink met spijkers vastgezet werd.

De trotseerloodjes werden in vroeger tijden gebruikt als een soort visitekaartje van de loodgieter door plaatjes te gieten voorzien van zijn naam of initialen.

Vanaf welk moment loodgieters en leiendekkers deze techniek zijn gaan gebruiken is niet bekend.

De oudst bekende trotseerloodjes dateren uit het eind van de 16e eeuw. Daarvoor zullen zeer waarschijnlijk ook loodjes zijn toegepast maar hiervan is niets meer bewaard gebleven.

Tot begin deze eeuw werden alle oude loodjes bij restauratie gewoon omgesmolten als oud lood.

 

Hoe zien trotseer/traceerloodjes er uit ?

 

Over het algemeen zijn trotseerloodjes schildvormige stukjes lood met een afmeting van circa 5 tot 7 centimeter breed en 5 tot 10 centimeter lang.

De bovenkant is altijd recht om vast te solderen boven het spijkergat.

De voorkant is meestal voorzien van de naam of initialen van de loodgieter; vaak wordt ook een jaartal aangebracht.

Verder worden er vaak loodgietersgereedschappen op afgebeeld: erg algemeen zijn de soldeerbouten in verschillende vormen en maten, alsmede leihamers (vaak werd het loodgieten en het leidekken door dezelfde persoon gedaan) en waterpompen (ook waterpompen waren vroeger een produkt van de loodgieter).

Vaak is aan de vorm of de afbeeldingen op de loodjes te zien uit welke streek of stad de trotseerloodjes afkomstig zijn.

 


 

Trotseerlood CVB

Bodemvondst (Antwerpen), Nancy Van Orle.

 

Enkelzijdige trotseerlood, met de initialen CVB

Vijf spijkergaatjes.

 

Materiaal: Lood.

Massa: 41,6 gram.

Afmetingen: 50 mm. x 45 mm.

Aanmaakplaats: z.pl. Onbekend.
Datering: z.j. Ca.18de à 19de eeuw.


Voorzijde: Gelegen op een schildvormig veld.

Bovenzijde, met afgeronde hoeken.

De rand omboord.

Centraal, aan elkaar staande letters

CVB

Keerzijde:  Blanco.

Vijf spijkergaatjes.

 

Lit.: P.P. Steijn, Meestertekens op het dak. pag.52 nr.8c

Er zijn penningen gekend met de letters CVB (Cornelis van Berkel).

Leidekker uit Gouda.  

 


 

 

 

 

Trotseerlood IFV

Bodemvondst (Antwerpen), Nancy Van Orle.

 

Enkelzijdige trotseerlood, met de initialen IFV

Vijf spijkergaatjes.

 

Materiaal: Lood.

Massa: 62,2 gram.

Afmetingen: 50 mm. x 45 mm.

Aanmaakplaats: z.pl. Onbekend.
Datering: z.j. Ca.18de à 19de eeuw.


Voorzijde: Gelegen op een schildvormig veld.

Bovenzijde, met afgeronde hoeken.

De rand glad omboord.

Centraal, de letters

IFV

 

Keerzijde:  Blanco.

Vijf spijkergaatjes.

 

 


 

Trotseerlood MYI

Bodemvondst (Antwerpen), Manu Van Meervelde.

 

Enkelzijdige trotseerlood, met de initialen MYI

Vijf spijkergaatjes.

 

Materiaal: Lood.

Massa: 45,27 gram.

Afmetingen: 50 mm. x 40 mm.

Aanmaakplaats: z.pl. Onbekend.
Datering: z.j. Ca.17de à 18de eeuw.


Voorzijde: Gelegen op een schildvormig veld.

Bovenzijde, met afgeronde hoeken.

De rand glad omboord.

Centraal, de letters

M.Y.I

 

Keerzijde:  Blanco.

Vijf spijkergaatjes.